Geen verzuim indienen gronden hoger beroep. Verzet gegrond.
uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 18/641
20150
uitspraak van de meervoudige kamer van 4 september 2018 op het verzet van
drs. [naam 1] , te [plaats] , appellant,
(gemachtigde: mr. [naam 2] )
Procesverloop
Appellant heeft tegen de door de accountantskamer gewezen uitspraak van 30 maart 2018, nummer 17/1264 Wtra AK, hoger beroep ingesteld.
Bij uitspraak van 3 juli 2018 is het hoger beroep met toepassing van artikel 43c, eerste lid, van de Wet tuchtrechtspraak accountants (Wtra) niet-ontvankelijk verklaard.
Appellant heeft tegen de uitspraak van 3 juli 2018 ingevolge artikel 43c, tweede lid, van de Wtra verzet gedaan.
Overwegingen
1. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard omdat appellant, na bij griffiersbrief van 14 mei 2018 in de gelegenheid te zijn gesteld alsnog de gronden van het hoger beroep in te dienen, dat niet tijdig (namelijk pas bij brief van 14 juni 2018) heeft gedaan.
2. Appellant heeft in verzet terecht aangevoerd dat het beroepschrift (van 9 mei 2018) wel degelijk een hogerberoepsgrond bevat en dat hij daarom niet in verzuim is geweest. Het verzet is daarom gegrond.
3. Nu het verzet gegrond wordt verklaard, vervalt de uitspraak van 3 juli 2018 en wordt de behandeling van de zaak voortgezet.
Beslissing
Het College verklaart het verzet gegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. T.G.M. Simons, mr. R.W.L. Koopmans en mr.
H.S.J. Albers, in aanwezigheid van R. van Cuilenborg, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 4 september 2018.
w.g. T.G.M. Simons w.g.R. van Cuilenborg