Het verzet wordt ongegrond verklaard.
In het verzetschrift heeft verzoeker te kennen gegeven dat hij het griffierecht heeft betaald. Verder gaat verzoeker inhoudelijk op de zaak in. Verzoeker heeft in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest. De Raad heeft het griffierecht niet ontvangen en verzoeker heeft niet met bewijsstukken onderbouwd dat hij het griffierecht heeft betaald.
Datum uitspraak: 9 april 2021
19/4372 AOW-V-PV
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, 8:108, eerste lid, en 8:119 van de Algemene wet bestuursrecht, in verband met het verzoek om herziening tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 29 augustus 2019, 18/105
Partijen:
[verzoeker] te [woonplaats] , Marokko (verzoeker)
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank
Zitting heeft: C.H. BangmaGriffier: E.M. Welling
Ter zitting is niemand verschenen
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
De Raad heeft in de uitspraak van 22 mei 2020 het verzoek om herziening niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet is betaald.
In het verzetschrift heeft verzoeker te kennen gegeven dat hij het griffierecht heeft betaald. Verder gaat verzoeker inhoudelijk op de zaak in.
Verzoeker heeft in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest. De Raad heeft het griffierecht niet ontvangen en verzoeker heeft niet met bewijsstukken onderbouwd dat hij het griffierecht heeft betaald.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) E.M. Welling (getekend) C.H. Bangma