tussenarrest teneinde een getuige te horen, aanhouding voor onbepaalde tijd.
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-003206-18
datum uitspraak: 21 april 2021
TEGENSPRAAK
Tussenarrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen
het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 5 september 2018 in de strafzaak
onder parketnummer 13-110861-18 tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] (Joegoslavië) op [geboortedag] 1994,
adres: [adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 7 april 2021 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Tegen voormeld vonnis is namens de verdachte hoger beroep ingesteld.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsman naar voren hebben gebracht.
Op de terechtzitting in hoger beroep van 7 april 2021 is het onderzoek in deze strafzaak gehouden
en gesloten.
Tijdens de beraadslaging is gebleken dat het onderzoek niet volledig is geweest.
Het hof acht het noodzakelijk [benadeelde 1], de moeder van het slachtoffer [slachtoffer], op zitting als getuige te horen.
Het hof zal daartoe het onderzoek heropenen, schorsen en de hervatting van het onderzoek ter terechtzitting op een nader te bepalen datum gelasten.
Beslissing
Het hof:
Heropent het gesloten onderzoek, schorst dit in het belang ervan en beveelt de hervatting van het onderzoek op een nader te bepalen terechtzitting.
Beveelt de oproeping van de verdachte, de raadsman van verdachte en de wettelijke vertegenwoordigers van de benadeelde partij [benadeelde 1] en [benadeelde 2], tegen de nog
nader te bepalen terechtzitting.
Beveelt de oproeping van [benadeelde 1] als getuige, tegen de nog nader te bepalen terechtzitting.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam,
waarin zitting hadden mr. S. Clement, mr. P. Greve en mr. P.C. Römer, in tegenwoordigheid
van mr. N.M. Simons, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit
gerechtshof van 21 april 2021.
=========================================================================
[…]