ECLI:NL:GHARL:2021:639
public
2021-02-08T09:22:43
2021-01-25
Raad voor de Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
2021-01-25
Wahv 200.250.599/01
Hoger beroep
NL
Leeuwarden
Strafrecht
Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Rechtspraak.nl
http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2021:639
public
2021-02-08T09:22:13
2021-02-08
Raad voor de Rechtspraak
ECLI:NL:GHARL:2021:639 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 25-01-2021 / Wahv 200.250.599/01

Boordsnelheidsmeter. De kalibratietabel in het dossier was op de meetdatum niet geldig. Het ontbreken van de juiste kalibratietabel leidt tot vernietiging van de inleidende beschikking.

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden

Zaaknummer

: Wahv 200.250.599/01

CJIB-nummer

: 211859854

Uitspraak d.d.

: 25 januari 2021

Zaaknummer

: Wahv 200.250.599/01

CJIB-nummer

: 211859854

Uitspraak d.d.

: 25 januari 2021

Zaaknummer

: Wahv 200.250.599/01

CJIB-nummer

: 211859854

Uitspraak d.d.

: 25 januari 2021

Zaaknummer

: Wahv 200.250.599/01

CJIB-nummer

: 211859854

Uitspraak d.d.

: 25 januari 2021

Zaaknummer

: Wahv 200.250.599/01

CJIB-nummer

: 211859854

Uitspraak d.d.

: 25 januari 2021

Zaaknummer

: Wahv 200.250.599/01

CJIB-nummer

: 211859854

Uitspraak d.d.

: 25 januari 2021

Arrest op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Den Haag van 26 oktober 2018, betreffende

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [A] .

De gemachtigde van de betrokkene is B. de Jong LLB., kantoorhoudende te Gouda.

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard en verzoek om een proceskostenvergoeding afgewezen.

Het verloop van de procedure

De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.

De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt. Wel is er een aanvullend stuk overgelegd, waarop de gemachtigde van de betrokkene heeft gereageerd.

De beoordeling

1. De gemachtigde voert aan dat de beslissing van de officier van justitie berust op een ondeugdelijke motivering. De officier van justitie heeft overwogen dat de Wahv er niet in voorziet om rekening te houden met de financiële omstandigheden van de betrokkene, terwijl de officier van justitie wel degelijk de bevoegdheid heeft om sancties te matigen op grond van de omstandigheden waarin de betrokkene verkeert, waaronder de financiële omstandigheden. Dit gebrek kan niet met toepassing van artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) worden gepasseerd. De kantonrechter heeft dit miskend, aldus de gemachtigde.

2. Onder verwijzing van het arrest van het hof van 26 juni 2019 (te vinden op rechtspraak.nl onder ECLI:NL:GHARL:2019:5328), overweegt het hof dat de beslissing van de officier van justitie in het onderhavige geval niet deugdelijk is gemotiveerd en dat in dit geval geen toepassing kan worden gegeven aan het bepaalde in artikel 6:22 van de Awb. De kantonrechter heeft dit niet onderkend.

3. Het voorgaande houdt in dat het hof de beslissing van de kantonrechter zal vernietigen, het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond zal verklaren en ook die beslissing zal vernietigen.

4. Ter beoordeling staat vervolgens het beroep tegen de inleidende beschikking waarbij aan de betrokkene een sanctie is opgelegd van € 276,- voor: “overschrijding maximum snelheid op autosnelwegen, met 30 km/h (verkeersbord A1)”. Deze gedraging zou zijn verricht op 24 oktober 2017 om 22:45 uur op de Rijksweg A20 in Moordrecht met het voertuig met het kenteken [YY-000-Y] .

5. De gemachtigde beklaagt zich in het hoger beroepschrift –onder meer– over het ontbreken van de kalibratietabel. In reactie daarop heeft de advocaat-generaal een kalibratietabel overgelegd. Uit deze tabel volgt dat de kalibratie op 30 april 2018 heeft plaatsgevonden. De gemachtigde voert tegen de tabel aan dat deze in de onderhavige zaak niet van toepassing is nu de pleegdatum van een eerdere datum was.

6. De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Dit zaakoverzicht bevat de informatie die in de inleidende beschikking is vermeld en daarnaast onder meer de volgende gegevens:

“De werkelijke snelheid stelde ik vast m.b.v. de gekalibreerde boordsnelheidsmeter van het dienstvoertuig, door bestuurder met een gelijkblijvende of vrijwel gelijkblijvende tussenafstand te volgen.

Afgelezen snelheid boordsnelheidsmeter: 165 km per uur.

Snelheid volgens kalibratietabel: 155 km per uur.

Werkelijke (gecorrigeerde) snelheid: 150 km per uur.

Toegestane snelheid: 120 km per uur.

Overschrijding met: 30 km per uur. (…)

Goedkeuring kalibratie boordsnelheidsmeter geldig tot: 20-06-2018

De werkelijke snelheid is het resultaat van een overeenkomstig de geldende Aanwijzing meting snelheidsoverschrijdingen van het College van procureurs-generaal, uitgevoerde correctie op de met het meetmiddel gemeten (afgelezen) snelheid volgens de kalibratietabel van het dienstvoertuig [XX-000-X] (…)’’

7. Uit het zaakoverzicht blijkt dat de boordsnelheidsmeter van het dienstvoertuig was gekeurd en gekalibreerd met een geldigheidsduur tot 20 juni 2018. Door de advocaat-generaal is in hoger beroep een kalibratietabel overgelegd waaruit, zoals gezegd, volgt dat de kalibratie op 30 april 2018 heeft plaatsgevonden. Kennelijk is er iets wat heeft gemaakt om de kalibratie eerder dan de oorspronkelijke (eind)datum van 20 juni 2018 te laten plaatsvinden. Wat daar verder ook van zij, dit is niet de kalibratietabel die op het moment van de gedraging van toepassing was. Nu de juiste kalibratietabel zich niet bij de op de zaak betrekking hebbende stukken bevindt en de gemachtigde gemotiveerd verweer op dit punt heeft gevoerd, zal het hof daaraan de gevolgtrekking verbinden dat de inleidende beschikking wordt vernietigd. Vanwege het grote tijdsverloop, en de omstandigheid dat de advocaat-generaal niet heeft gereageerd op het standpunt van de gemachtigde dienaangaande, acht het hof het niet opportuun om nog om een toelichting van de advocaat-generaal op dit punt te vragen.

8. De proceskosten komen voor vergoeding in aanmerking. Aan het indienen van het administratief beroepschrift, het beroepschrift bij de kantonrechter, het hoger beroepschrift, de nadere toelichting op het beroep en het verschijnen ter zitting bij de kantonrechter dienen in totaal vierenhalf procespunten te worden toegekend. Ook aan het telefonisch horen dient één punt te worden toegekend. Gelet op de door de gemachtigde geleverde inspanning zal het hof met gebruikmaking van de matigingsbevoegdheid als bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Besluit proceskosten bestuursrecht, het voor het horen door de officier van justitie toegekende punt halveren. De waarde per punt bedraagt € 534,- en gelet op de aard van de zaak wordt de wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toegepast. Aldus zal het hof de advocaat-generaal veroordelen in de kosten tot een bedrag van € 1335,-.

9. Het voorgaande leidt tot de onderstaande beslissing.

De beslissing

Het gerechtshof:

vernietigt de beslissing van de kantonrechter;

verklaart het beroep gegrond;

vernietigt de beslissing van de officier van justitie, alsmede de beschikking waarbij onder voormeld CJIB-nummer de administratieve sanctie is opgelegd;

bepaalt dat hetgeen door de betrokkene op de voet van artikel 11 van de Wahv tot zekerheid is gesteld door de advocaat-generaal wordt gerestitueerd;

veroordeelt de advocaat-generaal tot het vergoeden van de proceskosten van de betrokkene, ter hoogte van € 1335,-.

Dit arrest is gewezen door mr. Sekeris, in tegenwoordigheid van mr. Pranger als griffier en op een openbare zitting uitgesproken.