Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Rechtspersonenrecht. Verzoek tot faillietverklaring van ontbonden rechtspersoon. Geen redelijk belang? Geen bekende baten.
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 20/02114
Datum 16 april 2021
BESCHIKKING
In de zaak van
[verzoeker],wonende te [woonplaats], België,
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: [verzoeker],
advocaat: J. van Weerden,
tegen
[verweerster] B.V. IN LIQUIDATIE,gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: [verweerster],
advocaat: M.E. Bruning.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
-
de beschikking in de zaak C/09/58712/ FT RK 20/136 van de rechtbank Den Haag van 26 mei 2020;
-
de beschikking in de zaak 200.279.083/01 van het gerechtshof Den Haag van 6 juli 2020.
[verzoeker] heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerster] heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De zaak is voor partijen schriftelijk toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren G. Snijders, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 16 april 2021.