ECLI:NL:HR:2024:52
public
2025-03-22T19:48:27
2024-01-18
Raad voor de Rechtspraak
Hoge Raad
2024-01-19
23/00738
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
NL
Civiel recht
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2023:1113
In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2022:10260
Rechtspraak.nl
RvdW 2024/117
RAV 2024/21
http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2024:52
public
2024-01-18T15:22:49
2024-01-19
Raad voor de Rechtspraak
ECLI:NL:HR:2024:52 Hoge Raad , 19-01-2024 / 23/00738

Art. 81 lid 1 RO. Verzekeringsrecht. Arbeidsongeschiktheidsverzekering. Art. 7:928 BW. Heeft verzekerde zijn mededelingsplicht geschonden bij invullen van gezondheidsverklaring?

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 23/00738

Datum 19 januari 2024

ARREST

In de zaak van

AEGON SCHADEVERZEKERING N.V.,

gevestigd te Den Haag,

EISERES tot cassatie,

hierna: Aegon,

advocaten: B.T.M. van der Wiel en N.T. Dempsey,

tegen

[verweerder],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

hierna: [verweerder],

advocaat: A.C. van Schaick.

1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. het vonnis in de zaak C/16/500321 / HA ZA 20-224 van de rechtbank Midden-Nederland van 21 april 2021;

b. de arresten in de zaak 200.297.721 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 3 mei 2022 en 29 november 2022.

Aegon heeft tegen het arrest van het hof van 29 november 2022 beroep in cassatie ingesteld.

[verweerder] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Aegon mede door L.A. Burwick.De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaten van Aegon hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt Aegon in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 355,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Aegon deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, H.M. Wattendorff en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 19 januari 2024.