ECLI:NL:OGEAA:2021:31
public
2021-02-09T08:56:27
2021-02-09
Raad voor de Rechtspraak
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
2021-01-13
AUA201901701
Eerste aanleg - enkelvoudig
NL
Civiel recht
Rechtspraak.nl
http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGEAA:2021:31
public
2021-02-09T08:45:17
2021-02-09
Raad voor de Rechtspraak
ECLI:NL:OGEAA:2021:31 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba , 13-01-2021 / AUA201901701

Civiel, nakoming.

Vonnis van 13 januari 2021

Behorend bij A.R. no. AUA201901701

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS in de zaak van:

1[eiser 1],

en

2[eiser 2],

beiden wonende in Argentinië, beiden voor deze zaak gedomicilieerd in Aruba ten kantore van hun hierna genoemde in Aruba gevestigde advocaten,

eisers,

hierna gezamenlijk ook te noemen: [eisers] c.s.,

gemachtigden: de advocaten mrs. M.R.M. Reinkemeyer-Kelie en A.A. Ruiz,

tegen:

de commanditaire vennootschap

BASIRUTI C.V.,

gevestigd in Aruba,

gedaagde,

hierna ook te noemen: Basiruti,

gemachtigden: de advocaten mrs. G.B. Wever en R. Henriquez.

1HET PROCESVERLOOP

1.1

Het procesverloop tot 7 oktober 2020 blijkt uit het tussenvonnis van dit Gerecht van die datum. De bij dat vonnis gelaste comparitie van partijen heeft plaatsgevonden op donderdag 12 november 2020. [eisers] c.s. zijn ter zitting verschenen bij hun gemachtigde mr. Ruiz voornoemd. Basiruti is verschenen bij haar gemachtigden. Partijen hebben het woord gevoerd, beiden onder overlegging van toegelaten nadere producties, en hebben gereageerd of kunnen reageren elkaar stellingen.

1.2

Vonnis is nader bepaald op heden.

2DE VERDERE BEOORDELING

2.1

Het Gerecht volhardt in zijn in het tussenvonnis neergelegde overwegingen en beslissingen, met dien verstande dat in rechtsoverweging 4.2 van dat vonnis abusievelijk staat vermeld “de vordering onder c.”. Die kennelijke verschrijving leent zich voor het volgende eenvoudig herstel. Daar waar in het tussenvonnis onder 4.2 staat geschreven “de vordering onder c.” moet verbeterd worden gelezen: “de vordering onder d.”.

2.2

Onder verwijzing naar rechtsoverweging 4.1 van het tussenvonnis zal de vordering van [eisers] c.s. als omschreven in dat vonnis onder c. worden toegewezen als na te melden. [eisers] c.s. hebben ook te dezen veroordeling van Basiruti verzocht “rente en kosten rechtens”. De term “rente rechtens” is naar het oordeel van het Gerecht onvoldoende bepaald; niet duidelijk is immers wat voor rente [eisers] c.s. hiermee voor ogen hebben. Dat onderdeel van hun vordering wordt daarom afgewezen.

2.3

Nu Basiruti ter zitting te kennen heeft geven dat de condominiums nog niet zijn opgeleverd en overgedragen aan [eisers] c.s., doch dat die overdracht na goedkeurde oplevering naar verwachting zal plaatsvinden in begin februari 2021. Basiruti heeft in het licht daarvan verklaard dat wat haar betreft de in het tussenvonnis onder a. omschreven vordering van [eisers] c.s. kan worden toegewezen. Het Gerecht zal aldus beslissen, hetgeen met zich brengt dat die vordering verder geen bespreking of de door [eisers] c.s. verzochte descente meer behoeft.

2.4

In de uitkomst van deze procedure, partijen zijn over en weer in het ongelijk gesteld, ziet het Gerecht aanleiding om de proceskosten te compenseren als eveneens na te melden.

3DE UITSPRAAK

Het Gerecht:

-veroordeelt Basiruti ten titel van nakoming om uiterlijk binnen drie maanden na de uitspraak van dit vonnis de bij partijen genoegzaam bekende condominiums nrs. 180 en 216 van het ACQUA-Project na goedgekeurde oplevering daarvan in eigendom over te dragen aan [eisers] c.s. door middel van levering daarvan bij notariële akte;

-veroordeelt Basiruti om aan [eisers] c.s. te betalen US$ 26.447,95 aan overeengekomen boete;

-compenseert de proceskosten tussen partijen, aldus dat ieder van hen de eigen kosten draagt;

-wijst af het meer of anders door [eisers] c.s. gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 13 januari 2021 in aanwezigheid van de griffier.