Mondelinge uitspraak - Marokko - ongeloofwaardig asielrelaas - veilig land van herkomst - ongegrond
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL20.14832
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiser
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. I. Wudka),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
(gemachtigde: mr. N.H.T. Jansen).
Procesverloop Bij besluit van 27 juli 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser afgewezen als kennelijk ongegrond.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL20.14833, plaatsgevonden te Breda op 11 februari 2021. Eiser is, met bericht van verhindering, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. Niet in geschil is dat Marokko in het algemeen een veilig land van herkomst is.
2. Wel in geschil is of het asielrelaas van eiser geloofwaardig is en – daarmee samenhangend – of Marokko voor eiser een veilig land van herkomst is.
3. Verweerder heeft uitvoerig uiteengezet waarom eisers verklaringen over zijn relatie met zijn nicht en het daaruit voortvloeiende conflict met haar familie vaag, wisselend en op onderdelen tegenstrijdig zijn. Eiser heeft daartegen weinig ingebracht. Zo heeft hij niet kunnen weerleggen dat hij niet eenduidig heeft verklaard over met wie hij nu precies een conflict had: de oudste broer van zijn nicht, beide broers of de hele familie. Ook heeft verweerder terecht tegengeworpen dat eiser al vier jaar weg is uit Marokko, maar er nog steeds niet in is geslaagd ‘een veelheid aan documenten’ ten bewijze van zijn asielrelaas te bemachtigen. Dat eiser gebrouilleerd is met zijn moeder en dat zij daarom zou weigeren om deze stukken aan hem toe te sturen, heeft verweerder niet ten onrechte als niet-verschoonbaar aangemerkt.
4. De conclusie is dat het asielrelaas van eiser niet ten onrechte als ongeloofwaardig is aangemerkt en dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat Marokko voor hem geen veilig land van herkomst is.
5. De aanvraag is terecht afgewezen als kennelijk ongegrond. Het beroep is ongegrond.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 11 februari 2021 door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. W. van Loon, griffier.
Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.