Veroordeling tot betaling van achterstallige ziektekostenpremies. Onvoldoende onderbouwd het verweer dat de ziekteverzekering zonder toestemming en onder dwang tot stand is gekomen.
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknr./rolnr.: 8880517 \ CV EXPL 20-6264
Uitspraakdatum: 7 april 2021
Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:
Zilveren Kruis Zorgverzekeringen N.V.
gevestigd te Utrecht
eiseres
verder te noemen: Zilveren Kruis
gemachtigde: GGN Mastering Credit B.V.
tegen
[gedaagde]
wonende te [woonplaats]
gedaagde
verder te noemen: [gedaagde]
procederende in persoon
1Het procesverloop
Het verloop van de procedure blijkt uit:
-
de dagvaarding van 30 oktober 2020 met producties;
-
de conclusie van antwoord;
-
de conclusie van repliek met producties;
-
de mondelinge conclusie van dupliek.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2De feiten
[gedaagde] heeft op 8 maart 2017 via internet een zorgverzekering aangevraagd bij Zilveren Kruis, met ingangsdatum 1 april 2017. Zilveren Kruis heeft de aanvraag schriftelijk aan [gedaagde] bevestigd, en haar een polisblad toegestuurd.
De premie van de zorgverzekering is €93,95 per maand en staat vermeld op het polisblad.
[gedaagde] heeft voor de maanden april en mei 2017 facturen van Zilveren Kruis ontvangen voor in totaal € 187,90. De facturen kennen een betalingstermijn van 30 dagen. [gedaagde] heeft € 34,45 aan Zilveren Kruis betaald. Het openstaande bedrag is € 153,45.
Zilveren Kruis heeft de vordering uit handen gegeven aan een incassobureau.
Op 14 mei 2018 heeft Zilveren Kruis een brief gestuurd aan [gedaagde] , en daarin uitgelegd dat zij nog 14 dagen de tijd heeft om het openstaande bedrag met rente te betalen, en dat bij niet-betaling het bedrag verhoogd zal worden met de buitengerechtelijke incassokosten.
3De vordering
Zilveren Kruis vordert dat de kantonrechter, bij vonnis en uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] veroordeelt:
-
aan Zilveren Kruis te betalen een bedrag van € 212,49 vermeerderd met de wettelijke rente over € 187,90 vanaf de dag van de dagvaarding tot en met de dag van de algehele voldoening;
-
in de kosten van de procedure.
Zilveren Kruis legt aan de vordering ten grondslag dat [gedaagde] in verzuim is met de betaling van facturen en in verband daarmee de volgende opeisbare vorderingen heeft:
Hoofdsom € 153,45
Rente vanaf datum verzuim tot datum dagvaarding € 10,64
Buitengerechtelijke incassokosten € 40,00
Omzetbelasting over buitengerechtelijke incassokosten € 8,40
Totaal € 212,49
4Het verweer
[gedaagde] betwist de vordering. Samengevat is haar verweer dat zij de vordering niet erkent omdat het contract zonder toestemming en onder dwang tot stand is gekomen.
5De beoordeling
De kantonrechter is van oordeel dat [gedaagde] het bedrag aan openstaande premies moet betalen. Zilveren Kruis heeft voldoende duidelijk gemaakt dat [gedaagde] een zorgverzekering heeft afgesloten bij Zilveren Kruis, waarbij [gedaagde] maandelijks een premie verschuldigd is van € 93,95. [gedaagde] heeft de betalingsachterstand niet betwist.
De kantonrechter volgt [gedaagde] niet in het verweer dat zij geen toestemming zou hebben gegeven en dat de overeenkomst onder dwang tot stand zou zijn gekomen. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft zij dit verweer onvoldoende feitelijk onderbouwd.
Het voorgaande leidt er toe dat de gevorderde hoofdsom van €153,45 zal worden toegewezen. [gedaagde] heeft het gestelde verzuim niet betwist, zodat ook de rente van € 10,64 tot aan de datum van de dagvaarding zal worden toegewezen. De rente vanaf de datum van de dagvaarding zal worden toegewezen over het bedrag van de hoofdsom van € 153,45, en niet, zoals gevorderd, over het bedrag van €187,90.
Zilveren Kruis vordert daarnaast vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter stelt vast dat Zilveren Kruis voldoende heeft gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht, en dat [gedaagde] op de juiste wijze nog een kans is geboden om de openstaande bedragen te voldoen zonder verhoging met de buitengerechtelijke kosten. Het gevorderde bedrag van € 40,00 is in overeenstemming met de geldende forfaitaire tarieven.
[gedaagde] wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld tot betaling van de proceskosten van Zilveren Kruis. Deze worden als volgt begroot:
dagvaarding € 105,09
griffierecht € 124,00
salaris gemachtigde (2 punten) € 74,00
totaal € 303,09
6De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] om aan Zilveren Kruis te betalen een bedrag van € 164,09, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 153,45 vanaf 30 oktober 2020 tot aan de dag van volledige voldoening;
veroordeelt [gedaagde] om aan Zilveren Kruis te betalen een bedrag van € 48,40 als vergoeding voor de buitengerechtelijke kosten;
veroordeelt [gedaagde] om aan Zilveren Kruis te betalen een bedrag van € 303,09 als vergoeding voor de proceskosten;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst de vordering voor het overige af.
Dit vonnis is gewezen door mr. D.J. Straathof en op 7 april 2021 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter